artikel

Gedwongen verhuizing geeft Het Pelkhuisje nieuw elan

Interieur 736

Gedwongen verhuizing geeft Het Pelkhuisje nieuw elan
Beeld Hans Prinsen

Een nieuwe zaak kan een ondernemer een boost geven. Laurens Tenbergen van Het Pelkhuisje werd gedwongen naar een andere locatie te verhuizen. ‘Ik schrok flink van de mededeling dat het huurcontract werd beëindigd. Uiteindelijk was het dé kans om het nog één keer echt goed te doen.’

Ondernemen is risico’s nemen. Laurens Tenbergen (56) was dat gevoel de laatste jaren een beetje kwijt. ‘Het ging allemaal op de automatische piloot. De zaak draaide goed, dan ontbreekt de pure noodzaak om te vernieuwen of om het anders te doen. Ik had genoeg plannen, maar het pand was te klein om echt door te kunnen pakken. We zaten aan ons plafond, daarom gingen we op de oude voet verder. Ik was een beetje vastgeroest.’

Uit de comfortzone

De mededeling van de verhuurder dat Het Pelkhuisje moest verhuizen, viel de Winterswijkse ondernemer aanvankelijk koud op het dak. ‘Ik zag het niet aankomen en was verrast. Je weet dan gelijk: je moet uit je comfortzone stappen.’ Na 33 jaar was het dus einde verhaal op de vertrouwde locatie. Het winkelcentrum kreeg een andere bestemming en voor een cafetaria was er geen plek meer.

‘Wat nu?’, vroeg Tenbergen zich meermaals af. ‘Er waren twee opties. Stoppen en iets heel anders gaan doen of de zaak op een andere plek voortzetten.’ Het werd de laatste optie. De cafetariahouder zou het werk anders enorm gaan missen. ‘Het contact met de klanten en mijn medewerkers is goud. Ik sta met veel plezier op de werkvloer, ben iedere dag in de keuken actief en fungeer als gastheer. En nooit met tegenzin.’

Ik had genoeg plannen, maar het pand was te klein om echt door te kunnen pakken

Buurtfunctie behouden

Vrij snel na de onheilstijding ging het roer volledig om. Laurens en zijn broer Hans (mede-eigenaar) gingen op zoek naar een ander pand voor Het Pelkhuisje. De ondernemer zag zijn kans schoon en werd steeds enthousiaster. Hij kreeg de mogelijkheid om ideeën en wensen die al langer speelden, te verwezenlijken.

Een leegstaand pand 150 meter verderop werd het doelwit. ‘We hebben een buurtfunctie. Gezien de band met de klanten was het dus heel prettig dat we in de buurt konden blijven. Het is een prima plek met veel ruimte binnen en buiten. Daarnaast zijn we blij dat we het pand konden kopen. Daardoor zijn we niet meer afhankelijk van een verhuurder.’

Toekomstbestendig

Het ambitieniveau lag hoog. Het Pelkhuisje moest toekomstbestendig worden gemaakt. Het resulteerde in een flinke upgrade. ‘De ruimte was vrij indeelbaar. Zo konden we de zaak helemaal naar onze hand zetten. Het zitgedeelte kreeg daarbij volop aandacht. Als je het goed aanpakt, kun je de gemiddelde besteding verhogen.’

Groter en luxer

In de nieuwe situatie is dan ook veel veranderd, in de goede zin van het woord. Na de verhuizing vorig jaar is de zaak groter, luxer en wordt er een nieuw concept gehanteerd. De looproutes zijn stevig verkort en de medewerkers hebben veel meer werkruimte. De traditionele cafetaria heeft voortaan ook een restaurantfunctie, het draagt de naam eetmakerij. ‘We zijn meer dan tevreden, het voelt erg vertrouwd. Zittenblijvers worden op hun wenken bediend’, merkt Tenbergen op.

Geen hectiek meer

Een cafetaria is zeker in de spits vaak een hectische plek. Het Pelkhuisje had er in de oude situatie met iets meer dan 100 vierkante meter ook last van. Stoeltjes die krap tegen elkaar stonden in combinatie met wachtende gasten, het was soms behelpen. De zaak is nu bijna drie keer zo groot, ruimtelijker van opzet en oogt daardoor veel meer in balans.

‘Het klinkt misschien gek, maar het is hier een oase van rust. Zelfs als het heel druk is’, benadrukt de gedreven ondernemer. ‘Ik heb al meerdere keren klanten op de wachtbank zien wegdommelen. Dat is tekenend.’ Rust is het toverwoord, zegt hij. ‘Iedere medewerker heeft zijn eigen taak, dat geeft structuur en is effectief.’

Het Pelkhuisje

Beeld Hans Prinsen

Geen industriële look

Tenbergen is zelf verantwoordelijk voor de indeling en het interieurontwerp van cafetaria-eetmakerij Het Pelkhuisje. Hij heeft er duidelijk gevoel voor. ‘Ik wilde een eigen tent. Modern, tijdloos maar ook gemoedelijk. Dat past in deze streek. Niet, zoals je nu veel ziet, met een industriële uitstraling. Dat vind ik niet onderscheidend genoeg.’

De zaak vormt een eenheid door de muren met metselstenen die overal terugkomen en grote tegels van 60 bij 60 centimeter die over de hele vloer zijn gelegd. Op drie plekken in de muur is een opening gecreëerd, daar staan: ‘welkom’, ‘eet smakelijk’en ‘eetmakerij’ op licht stucwerk. Het zijn echte eyecatchers. De vlakken van het systeemplafond zijn zwart van kleur, soms glimmend en soms mat. De matte vlakken verbeteren de akoestiek van het pand, ze hebben een dempend effect.

Snackcreaties van Het Pelkhuisje

Laurens Tenbergen staat bekend om zijn eigen snackcreaties. Hij haalde al verschillende keren landelijke aandacht met zijn bijzondere vindingen. ‘Het is mijn handelsmerk. Productontwikkeling noem ik het. Je kunt je creativiteit erin kwijt. Dat houdt het vak interessant.’

De ondernemer blijft altijd zoeken naar iets nieuws. ‘Klanten komen niet voor de standaard producten die overal verkrijgbaar zijn. Je kunt juist scoren met bijzondere gerechten of snacks. Daarmee creëer je een behoefte.’ Het Pelkhuisje ontwikkelde de afgelopen jaren onder andere de volgende creaties:

-Patatje Snert: een bakje friet met een schep zelfgemaakte erwtensoep.
-Patatje Das Apart: een bakje friet met reepjes frikandel van de bakplaat, ijsbergsla, gesmolten kaas en knoflooksaus.
-Spruit 11: spruitjes aan een stokje, voorgekookt en daarna gefrituurd met plakjes spek.
-De Balotelli: een bal gehakt met een streepje mayonaise.
-Trumpburger: hamburger in de vorm van een gezicht met witblond haar gemaakt van kaas.
Max Menu: een patatje met erbovenop een raceauto samengesteld met stukjes frikandel.

Huiselijk karakter

De eetgelegenheid is verder luxe uitgevoerd, maar heeft toch een huiselijk karakter. ‘Laagdrempeligheid was een voornaam uitgangspunt. Als buurtcafetaria wil je klanten niet van je vervreemden. Daarom is de entree uitnodigend en heeft het voorste gedeelte een look die past bij een traditionele cafetaria. Want we verloochenen onze afkomst niet. Dat zie je bijvoorbeeld terug in de gele kunststof stoeltjes.’

Het Pelkhuisje

Beeld Hans Prinsen

De counter is gelijk bereikbaar en bestaat uit twee delen: de koelvitrine en een mooi aangeklede ijshoek/koffiebar. Maar er is een aanvullend onderdeel, het restaurantgedeelte. Daar kunnen zittenblijvers in de luwte comfortabel hun maaltijd nuttigen. Als je binnenkomt, valt het oog ook gelijk op de eetmakerij, zoals de speels ingedeelde ruimte heet. ‘Dat is bewust gedaan. Voor bepaalde klanten is een normale cafetaria of snackbar niet wat ze zoeken. Ze zien nu gelijk dat we iets extra’s te bieden hebben.’

Het Pelkhuisje

Beeld Hans Prinsen

Grote bloemstukken

De eetmakerij is sfeervol. Dat effect wordt gesorteerd door opstellingen met grote bloemstukken, fraai ogend meubilair en speciale nisjes als zithoekjes. Het beeld wordt verrijkt door houten elementen, laminaat lambrisering met daarboven behang in een zand/crème-uitvoering. De open keuken bevordert de interactie. Een hoge scheidingswand zorgt ervoor dat de werkruimte uit het blikveld blijft. Bij de entree van de eetmakerij staat een schildersezel opgesteld met een grote menukaart. Het geeft het geheel extra cachet. ‘Het assortiment is hier ook uitgebreider en luxer dan in de cafetaria. De gerechten worden ook mooier gepresenteerd. Zo hopen we diner, maar ook de lunch een boost te geven.’

Het Pelkhuisje

Beeld Hans Prinsen

 


Reageer op dit artikel