artikel

Robbert Jan de Veen pakt zijn verantwoordelijkheid bij De Daltons

Bedrijfsvoering 508

In de categorie ‘nieuwe generatie aan het roer’ mag Robbert Jan de Veen van De Daltons zeker niet ontbreken. Hij pakt niet alleen zijn verantwoordelijkheid in de zaak die zijn ouders hebben opgebouwd en nu langzaam loslaten, maar denkt ook na over zijn rol als ondernemer in de maatschappij. ‘We moeten als branche het goede voorbeeld geven.’

Robbert Jan de Veen pakt zijn verantwoordelijkheid bij De Daltons
Foto: Herbert Wiggerman

Hij kan stronteigenwijs en koppig zijn, weet Robbert Jan de Veen (30) van zichzelf. Nog meer dan zijn vader Ruud. Nu het Kwalitaria-logo sinds ongeveer een jaar niet meer op de voorgevel hangt, voelt de jonge ondernemer zich een vrij mens. Hij kan zijn eigen weg volgen.

Een andere eigenschap die hij van zijn vader heeft overgenomen, is de wil om voorop te lopen en de eerste te zijn. Zo was De Daltons één van de eerste zaken in Nederland met contactloos betalen. Zijn ouders, die de zaak in het centrum van Voorthuizen bijna 30 jaar geleden startten, waren indertijd al heel vroeg bezig met verantwoord frituren.

Hart voor fastservice

Als regiovoorzitter van KHN in de provincie Gelderland en jurylid van de Cafetaria Top 100, is Robbert Jan de Veen goed op de hoogte van wat er speelt in de horeca. Hij ziet waar de markt heengaat en heeft voor zichzelf een duidelijke koers uitgestippeld. ‘We zijn fastservice, maar ik wil wel richting de luxe kant van dat segment. Want in de fastservice ligt mijn hart.‘

Mooie hotdogs

Hij heeft daarin al de nodige stappen gezet. ‘We hebben bijvoorbeeld een hamburger van vers gedraaid vlees dat we zelf kruiden. We hebben een 100 procent beef hotdog op een mooi broodje. We bedienen aan tafel, dat hebben we altijd gedaan. Een gast kan overal zijn euro’s uitgeven, daarom vind ik die extra service belangrijk. Bovendien kun je aan tafel makkelijker bijverkopen.’

De Daltons

Foto: Herbert Wiggerman

Cowboys op de menukaart

De Veen creëert daarnaast extra beleving door de benamingen op het menu die passen bij het thema van de zaak. ‘De hamburgers heb ik vernoemd naar de cowboys van vroeger, zoals John Wayne, Buffalo Bill en Billy the Kid. De hotdogs hebben de namen van Amerikaanse steden die in die tijd floreerden, zoals San Diego, Sacramento en Salt Lake City. Sinds kort verkoop ik pizza’s, die hebben de namen van American native chiefs.’

De hamburgers staan nu voor €7,50 op de kaart. ‘Daar komen straks burgers bij die een stukje duurder zijn. Dan moet de kwaliteit er ook naar zijn, met andere ingrediënten. Daar ben ik redelijk ver mee. En mensen willen dat best betalen, ik maak me daar geen zorgen over.’

De Daltons

Foto: Herbert Wiggerman

Nieuw meubilair

De Veen werkt ook aan het interieur. Hij tovert een notitieboekje tevoorschijn. ‘Ik verslind ze bij het leven, en met driekwart wat ik opschrijf doe ik niets.’ Waar hij wel iets mee deed, was zijn schets van de nieuwe bar in de zaak, die nu geen bar meer is. ‘Een bar trekt een bepaald soort gast. Ik richt me op millenials, gezinnen met kinderen en ouderen. Die zitten dan hier te eten en kijken tegen het decolleté van een bouwvakker aan.’

Nu staan er twee hoge, zwarte tafeltjes met in totaal vier stoelen en een mooie kast met glaswerk en producten zoals de koffiebonen die hij gebruikt. ‘Ik ben ook begonnen met speciaalbier en al dat glaswerk kan ik er mooi in kwijt. De kast zorgt daarnaast voor een afscheiding tussen de tafels en het afhaalgedeelte. En deze tafels leveren meer geld op dan vier vaste barkrukken.’

De Daltons

Kersverse ouders krijgen bij De Daltons een verrassing in een hamburgerdoosje: een rompertje met daarop de slogan van De Daltons. Foto: Herbert Wiggerman

De Daltons als merk

De Veen wil van De Daltons een merk maken. ‘Ik geloof niet meer in termen als cafetaria of restaurant. De consument let daar ook niet op. Ik richt me op fastservice, waarbij gerechten binnen 10 minuten klaar moeten zijn. Maar ik heb er geen naam voor. Ik noem mezelf De Daltons met als slogan ‘Gevaarlijk Lekker’. Ik zet nergens meer neer dat we een cafetaria of restaurant zijn.’


Luxe koffie op een presenteerblaadje

De luxe uitstraling die Robbert Jan de Veen nastreeft, komt ook tot uiting in de kwaliteit en presentatie van de koffie. ‘Ik wil vakmanschap tonen met mooie koffie van goede bonen. We hebben een goede koffiemachine en we gebruiken 100 procent Arabica van Smit & Dorlas. Dit merk is in de supermarkt niet te krijgen. We verkopen de bonen ook los in de zaak. We presenteren de koffie op een klein, zwart dienblaadje dat ik speciaal heb laten maken door iemand hier in Voorthuizen. Daar doen we een vetvrij papiertje op en naast de koffie krijgen gasten een mini-pastel de nata en ook een likeurtje met slagroom.’

De Daltons

Foto: Herbert Wiggerman


Plastic

Maar De Veen kijkt verder dan De Daltons en denkt serieus na over zijn rol als ondernemer in de samenleving. ‘Het komt misschien doordat ik nu een kleine heb rondlopen. Ik vind dat we moeten kijken naar hoe we de wereld doorgeven.’

Eén van zijn manieren om daar een steentje aan bij te dragen, is het reduceren van plastic. ‘Voor een groot gedeelte ben ik al om. De friet- en snackbakjes zijn van karton met een soort watercoating. Dat is de lijn 100% Fair van Conpax. De menubakken worden gemaakt van het restafval van suikerbiet. Die zijn van Duni.’

De Daltons

Foto: Herbert Wiggerman

‘Alternatieven voor plastic worden niet goedkoper’

Verkoopprijs

De Veen betaalt vanzelfsprekend meer voor zijn nieuwe verpakkingslijn. Ongeveer 6 cent extra per bakje. ‘Dat verreken ik in mijn verkoopprijs, gelijk met de btw-verhoging en de duurdere friet. Een frietje kost nu €2 zonder saus. Dat wordt denk ik €2,10. Maar ik verreken het ook met de verkoopprijzen van andere producten.’

En hij is bezig met meer alternatieven voor plastic. ‘Ik stap binnenkort over op kartonnen sundae-bekers en ben ook bezig met rietjes. Pet-flessen zijn moeilijk. Daarin zijn we afhankelijk van fabrikanten en het is heel lastig om koolzuurhoudende drank in een ander materiaal goed te houden. Ik wil zelf in ieder geval geen producten meer in plastic verpakken en meegeven.’

Goede voorbeeld

Ook in de strijd tegen het plastic wil hij De Veen voorloper zijn. ‘Ik ben nu een van de eersten en ik kan me ermee onderscheiden. Maar hoe meer mensen het doen, hoe beter. Ik geloof heel erg dat we die kant op moeten gaan. We moeten als branche het goede voorbeeld geven.’

 

Foto's

Reageer op dit artikel