artikel

Vanreusel: ‘Blijf niet alleen je frietje en frikandelletje bakken’

Bedrijfsvoering 26

Marktleider in België maar in Nederland een kleinere speler: snackfabrikant Vanreusel wil daar verandering in brengen door vol in te zetten op groei in ons land. Snackkoerier ging in gesprek met het Belgische familiebedrijf over de plannen én hun visie op de ontwikkelingen in de Nederlandse cafetariabranche.

Vanreusel: ‘Blijf niet alleen je frietje en frikandelletje bakken’

‘De familie heeft een keuze gemaakt om vol in te zetten op marketing en nieuwe producten’, vertelt marketingmanager Benelux Maurice de Kroon. Samen met key accountmanager Sander ten Westeneind zet hij op de horecabeurs BBB Maastricht de ambities van het bedrijf uiteen. ‘We gaan meer en meer innoveren. We hebben nu twee fulltime marketingmedewerkers die zich gaan
bezighouden met ontwikkelen van nieuwe concepten en producten, exclusief voor de horeca.’

Wat gaan ondernemers merken van jullie extra inzet het komende jaar?
De Kroon: ‘Die gaan zien dat er producten komen waarmee ze zich echt kunnen onderscheiden ten
opzichte van bijvoorbeeld de retail. Dat soort producten zijn er nu ook al. De meest bekende en succesvolle innovatie is de Frikandel XXL. Dat soort snacks kun je verwachten, maar het hoeft niet per se een frikandel te zijn. De Crizly is ook een product dat exclusief is voor de horeca. Die is erg populair in zowel Nederland als België. We introduceren nu een eerste variant: de Crizly Goulash.’

Kunnen jullie verder nog iets verklappen?
Ten Westeneind: ‘We komen in ieder geval met een snack die nu nog niet te verkrijgen is in die vorm maar wel gangbaar is bij het snackpubliek. We verwachten dat in het voorjaar van 2017 te kunnen introduceren.’

Wat is voor jullie het doel?
‘We willen groeien in Nederland, samen met de ondernemers. In België zijn we marktleider in het horecakanaal. In Nederland zijn we dat nog lang niet. We zijn nu 15 jaar in Nederland bezig en we worden gewaardeerd. Het Centrum voor Smaakonderzoek heeft ons al 2 jaar bekroond met de lekkerste frikandel. Dat is een goed teken.’

Hoe is het in jullie optiek gesteld met innovatie in de Nederlandse cafetariabranche?
De Kroon: ‘Fabrikanten komen wel met innovaties, maar er zijn ook belemmerende factoren. Zo is de consument vrij conservatief in zijn bestelpatroon. Iedere consument heeft een favoriete snack en wil daar eigenlijk niet vanaf uit angst teleurgesteld te worden door een verkeerde keuze. Maar we zien duidelijk een grote groep goede ondernemers die wil innoveren. Die ondernemers zien ook het belang in van innovaties als middel om zich te onderscheiden van de grote supermarkten die ook innoveren, met name op openingstijden en conceptniveau.’

Zijn cafetariahouders over het algemeen goed in het aanprijzen van nieuwe snacks?
Ten Westeneind: ‘Het gebeurt wel, maar het kan altijd beter. Het gaat er dan met name om de consument te bewegen een nieuwe snack ernaast te proberen. En vaak eten mensen ook wel twee snacks naast de frites. Maar de vertrouwde frikandel of kroket echt inwisselen voor iets nieuws, is een uitdaging die inspanning van de ondernemers vergt.’

Hoe helpt Vanreusel ondernemers bij het aanprijzen?
De Kroon: ‘Ten eerste ontwikkelen we reclamepakketten waarmee ze aan de consument kunnen laten zien dat ze iets nieuws hebben in het assortiment. Wij vragen ondernemers om dat actief uit te stallen in de cafetaria, want het is ook in hun belang om te laten zien dat ze niet stil te staan maar meegaan met de tijd. We verzorgen daarnaast workshops en kennissessies op onze locatie in Hamont, bij Weert. Daar nodigen wij op maandagen ondernemers uit om te komen kijken op het bedrijf. Daar worden alle geheimen onthuld, de productie gooien we volledig open. En we verzorgen daarbij een workshop met suggesties om het menu of de producten te presenteren.’

Wordt er genoeg geïnnoveerd door fabrikanten?
‘Er wordt genoeg ontwikkeld, maar sommige ondernemers zijn wat behoudend in het innoveren. De echte ondernemers zien het belang van kwaliteit en innovatie wel. Maar er is ook een grote groep die de kat uit de boom kijkt. Innoveren is echter een must. De markt globaliseert; er zijn steeds meer aanbieders van allerlei snacks uit andere culturen en werelddelen. De supermarkt is een grote concurrent die ’s avonds en op zondag open is. Dus de hele wereld innoveert, en wanneer je als cafetaria enkel je frietje en frikandelletje blijft bakken, lukt het je op een gegeven moment niet meer om je marges en omzet op peil te houden.’

Waar moet een cafetariahouders beginnen als ze nieuwe producten willen introduceren?
‘Dat is per regio verschillend. Zit je in een allochtonenwijk, dan kun je met kipproducten innoveren. Maar kijk gewoon naar de foodtrends, die kun je op het internet opzoeken. Er zijn altijd fabrikanten die daar met snacks op inspelen.’

En de presentatie? Kun je je onderscheiden door bijvoorbeeld snacks op borden te serveren?
‘Het ongecompliceerde van een cafetaria is wel de kracht. Iedereen voelt zich op z’n gemak, je mag er met je handen eten. Ik denk niet dat consumenten het bord missen. En een bord communiceert eigenlijk dat je fatsoenlijk en netjes moet eten. Het kan zijn dat mensen zich daar ongemakkelijk bij gaan voelen, kinderen ook. Maar iedereen moet dit bepalen voor zijn eigen doelgroep. Als jij vindt dat je je daarmee kunt onderscheiden tussen tien anderen in je omgeving, dan moet je dat doen.’

Reageer op dit artikel